Plebaan praatje december

Op één van de laatste zondagen van het oude kerkelijk jaar, eind november, lazen we in de zondagsliturgie het Evangelie van Mattheus dat ging over de talenten.
De parabel die Jezus ons vertelt gaat over de drie knechten die van hun heer ieder een aantal talenten in bewaring krijgen.
Als de heer na zijn reis terugkomt treedt de knecht met de vijf talenten al direct naar voren en kan zeggen dat hij nog vijf talenten erbij verdiend heeft, zo gaat het ook met de knecht die twee talenten gekregen had.
De derde knecht met het ene talent begint direct met verwijten te maken aan zijn heer. ‘Ik weet dat u een hard mens bent die binnenhaalt waar u niet gezaaid hebt’ etc.
De knecht zegt dat hij daarom bang was en het talent maar verborgen had gehouden. Tot slot zegt hij: ‘hier is uw eigendom terug’.
Een mooie parabel als je hem legt naast je eigen leven. Ook wij hebben de neiging om de ander verwijten te maken om daarmee onszelf vrij te pleiten. ‘Hij heeft dit en zij heeft dat en daarom…….’ ‘heb ik ook maar niets meer gedaan’.
 
Op het einde der tijden als de Heer zal komen wordt er alleen maar naar onszelf gevraagd, niet naar degene die boven je staat of onder je staat of naar wie dan ook, alleen naar jezelf.
De knecht die in de parabel wordt buitengeworpen, laat het eigenlijk zelf zover komen. Hij schept de omstandigheden waardoor hij in de kou komt te staan.
‘Ik doe niet meer mee’ klinkt soms stoer maar breekt op de eerste plaats jezelf af. Jij staat dan alleen in de kou en de rest van de mensen trekt toch verder.
 
Hoe moeilijk het soms ook is, als christenmens hebben we de opdracht om mee verder te trekken op de pelgrimsweg.
Een pelgrimsweg is niet altijd gemakkelijk, je komt soms voor onverwachte, moeilijke dingen te staan. Als je die weer hebt overwonnen ligt er vaak weer een begaanbare, mooie weg voor je.
Die weg moet je echter wel willen zien. Onze levensweg is nu eenmaal vol duisternis en moeilijkheden, met spanning en met strijd, maar ook vol fijne en goede ontmoetingen en zegeningen, een weg van licht.
 
waxlichtWe zijn weer in de decembermaand. De maand met aan de ene kant de duisternis en de kou, maar aan de andere kant met veel licht en warmte. We doen er alles aan om de kou en de duisternis te verdrijven door het licht aan te steken. Dat vinden we heel normaal.
Het is goed om eens tijd te nemen en naar onze lichtjes te kijken, zomaar even. Nadenken en bezinnen thuis en in de kerk.
Er zijn altijd weer lichtpunten op te noemen, zeker voor de één meer dan voor de ander.
Misschien kunnen we bij het aansteken van de lichtjes, bij ieder lichtje eens nadenken en danken voor de goede dingen die er ook in mijn leven zijn.
Bij dit lichtje denk ik aan en dank ik voor dat fijne gesprek dat ik even had bij de tramhalte of in de koffiezaal na de Mis op zondag.
Bij een ander lichtje denk ik aan en dank ik voor die fijne mens of die aardige attentie die ik mocht ontvangen.
Zo kun je vaak toch nog een heel aantal lichtjes aansteken en je wordt er blijer en dankbaarder van dan wanneer je blijft stilstaan bij de duistere zaken, die verbitteren en vereenzamen.
 
De decembermaand is de maand van de Advent, het ontsteken van het licht, het is de maand van Kerstmis, de dag waarop het Licht van God in de wereld komt. Jezus zal van zichzelf zeggen: ‘Ik ben het Licht der wereld’ . Laten we ook in geloof en dankbaarheid naar Hem kijken. Hij Die ons de God van liefde heeft leren kennen. Hij Die als een Broeder met ons gaat.
 
Als je soms denkt dat je die God van liefde niet ervaart, dan wordt het toch hoog tijd om weer eens een lichtje aan te steken en misschien te danken dat je nog in staat bent om zelf dat lichtje aan te steken en zo niet ,dat er iemand is die het wellicht voor jou wil doen.
Ieder mens heeft talenten, meer of minder misschien, maar laten we er iets mee doen al is het nog zo klein of eenvoudig, niets of niemand kan gemist worden in de Kerk en in de wereld.
 
Decembermaand, feestmaand, prachtig, maar je moet er ook voor openstaan, je moet jezelf ervoor openstellen, dag in dag uit. In het gezang van de Advent het ‘Rorate caeli’ zingen we toch in het vierde couplet: ‘Salvabo te, noli timere…’ ‘Ik zal u redden, wees niet bevreesd’ .
Aan Hem zal het ook niet liggen, Hij is de Emmanuel, de God met ons. In hoeverre Zijn licht en vrede in de wereld kan werken is zeker ook van onze inzet en onze trouw afhankelijk. Laten we niet vrezen zoals de knecht met het ene talent, maar blijven geloven en onze talenten gebruiken.
Ik wens u allen een mooie decembermaand toe, zalig Kerstmis, en mooie feestdagen.

Pastoor Chris Bergs
03-12-2017

Afdrukken E-mail