HOUSEHOLDS IN DISTRESS PROGRAMMA

Met onze bijdrage helpen we kwetsbare kinderen en volwassenen het hoofd te bieden aan de gevolgen van de hiv/aids pandemie.
Daartoe steunen we het Households in Distress-programma in Mbala. Met onze bijdrage krijgen 300 hiv-positieve mannen en vrou-wen een opleiding en
kunnen we het Sunsuntila weeshuis en de Victor Braun school voor gehandicapte kinderen voorzien van leermiddelen, speelmaterialen en medische hulp-middelen.

HET LEVEN IN MBALA
Voor ons campagneproject 2018 gaan we naar Mbala, een stad (en district) in het uiter-ste noorden van Zambia, vlakbij het Tanganyikameer in Tanzania.
Veel mensen komen van het platteland naar Mbala in de hoop er werk te vinden. Meestal lukt dat niet.
Ze bouwen huisjes aan de rand van de stad, waar zich sloppenwijken hebben gevormd. Het geheel van sloppenwijken heet Zambia Compound.
De wegen zijn onverhard en zo slecht dat je er met een gewone auto niet kunt rijden: door de zware regens in het regensei-zoen zitten ze vol diepe kuilen en zijn de zijkanten vaak veranderd in diepe geulen – na een regenbui zijn de wegen dan ook veranderd in grote modderpoelen.
Er is geen schoon water en geen elektriciteit in veel delen van Zambia Compound. Mensen moeten daarom naar de rivier lopen om water te halen.
Het betekent bijvoorbeeld ook dat er geen wc’s zijn en dat riolering ontbreekt. Dat is onhygiënisch en daardoor worden mensen gemak-kelijker ziek.

Mbala is een van de armste districten van Zambia, met een gemiddeld weekinkomen van 0 tot 6,90 euro per huishouden.
Voor het verbouwen van groente is nauwelijks ruimte. De meeste mensen werken als dagloner.
De hiv/aids epidemie die dertig jaar geleden uitbrak, heeft de armoede nog verergerd: veel mensen zijn te ziek en te zwak om te werken.
Schaamte, stigmatisering en bijgeloof staan hulp vaak in de weg. Hiv-positieve mannen geloven bijvoorbeeld dat seks met een maagd hen zal genezen.
Veel jonge meisjes worden verkracht en raken zwanger. Kinder- en tienerzwangerschappen vormen een groot probleem; ook polygamie en buitenechtelijke relaties komen veel voor.

Thuiszorgaidspatient1In het begin van de hiv/aidspandemie, toen niemand nog precies wist wat er aan de hand was, gingen veel vaders en moeders dood.
Kinderen waarvan de ouders zijn overleden worden als vanzelfsprekend opgevangen door familieleden, vaak de groot-ouders, of door dorpsgenoten.
“In Afrika bestaan geen weeskinderen,” aldus een gezegde. Er zijn nu dus veel oma’s in Zambia Compound en in de omgeving van Mbala die voor hun kleinkinderen zorgen, omdat hun zoons en dochters – de ouders van de kleinkinderen – zijn overleden. Dat is voor de meesten heel moeilijk: ze zijn oud, kunnen niet meer werken en hebben nu weer de zorg voor jonge kinderen.
De armoede in deze families is groot en veel kinderen krijgen thuis vaak maar één maaltijd per dag en soms zelfs dat niet. Dan moeten ze bedelen bij de buren.
Geld om het schoolgeld en bijvoorbeeld het schooluniform te betalen hebben de meeste mensen niet.
Voor ons is dat een laag bedrag – ongeveer 15 euro per jaar – maar voor veel families hier is het onmogelijk zoveel geld te betalen.
Veel kinderen gaan daarom niet of maar een paar jaar naar school. Als er wat geld is, worden de jongens naar school gestuurd.
Van meisjes wordt verwacht dat ze jong trouwen en veel men-sen vinden het dan zonde van het geld om ze naar school te sturen.

Het Vastenactie campagneproject 2018 richt zich op de stad Mbala, in het noorden van Zambia. Ook hier heeft het hiv-virus hard toegeslagen.
Duizenden mensen zijn geïnfec-teerd en velen overleden.
De zusters van de Heilige Harten van Jezus en Maria hebben het Households in Distress-programma opgezet om de impact van hiv/aids te verminde-ren via voorlichting, goede gezondheidszorg, armoedebestrijding en opleiding en opvang van (gehandicapte) kinderen en volwassenen.

voor meer informatie over het project:  Vastenactie project 2018: Zambia

 

Afdrukken