Het orgel

HET ORGEL IN DE KATHEDRAAL
Door Aart de Kort

De in 1904 gebouwde kerk werd in 1922 uitgebreid met de huidige westpartij. In 1923 werd door de 'Vereenigde Kerkorgelfabrieken J.J. Elbertse te Aalten' een orgel gebouwd volgens het pneumatisch kegelladensysteem. Adviseur (en inspeler) was de in die tijd bekende orgeldeskundige Dr. C. Huigens ofm. Het orgelfront was een ontwerp van architect P.G. Buskens. Het orgel had de volgende dispositie:  

Manuaal I: Manuaal II:
(zwelkast)
Pedaal:
Prestant 16' Bourdon 16' Contrabas 16'
Violon 8' Vioolprestant 8' Subbas 16'
Flûte Harmonique 8' Holpijp 8' Quint 10 2/3'
Bourdon 8' Viola di Gamba 8' Octaafbas 8'
Octaaf 4' Vox Caelestis 8' Cello 8'
Roerfluit 4' Aeoline 8' Open Fluit 4'
Octaaf 2' Dolce 8' Bazuin 16'
Mixtuur III Violine 4'
Cornet V Zachte Fluit 4' Koppelingen:
Trompet 8' Nasard 2 2/3'
. . Woudfluit 2' P+I, P+II, I+II,
. . Basson Hobo 8' I+II 16', II+II 16'
. . Vox Humana 8'
. . Tremulant

Speelhulpen:
2 vrije commbinaties,vaste comb. Pp, P, Mp, Mf, F, Ff, T, Tongwerken uit, Register Crescendo (trede en handregister), Treden en handregisters voor zwelkasten Man. II en Vox Humana. 

In latere jaren werd de Vox Caelestis vervangen door een Quintfluit 1 1/3', de Aeoline door een Scherp IV en de Dolce door een Prestant 4'. In 1942, bij het herstel van kerk en orgel na een bombardement in 1941, werd de Violine vervangen door een Terts 1 3/5'

In de jaren 1997/1998 onderging het orgel een uitgebreide transformatie. Geholpen door vele vrijwilligers werden de werkzaamheden uitgevoerd door de firma Adema-Schreurs te Amsterdam. De dispositie van het zwelwerk (nu 3e manuaal) werd hersteld en aangevuld met een Fagot 16' en Trompet harmonique 8' in franse factuur. Ook de bestaande Hobo werd vervangen door een Hobo in franse factuur. Op het pedaal werd de Open Fluit 4' vervangen door een in grenenhout uitgevoerde Trombone. Ook werd de Bazuin uitgebreid met een subcontra-octaaf zodat als transmissie een Bazuin 32' ontstond. Deze grootste 12 pijpen zijn eveneens in grenenhout uitgevoerd. Ingrijpender was de toevoeging van het Positief (nu 2e manuaal). Voor dit werk werden 3 registers nieuw vervaardigd: de Klarinet, de Engelse Hoorn en de Viool 4'. Het overige pijpwerk is uit de voorraad van de firma Adema-Schreurs.
De speeltractuur werd geëlektrificeerd en ook werd de speeltafel geheel vernieuwd. Aanvankelijk stond deze aan de linkerzijde van het koor, maar in mei 2003 werd deze verplaatst naar een plek (nagenoeg) midden voor het orgel.

(bronnen: Jan van Bommel: "Daar kerkte Rotterdam", uitg. Stichting Orgelcentrum 1965 en Ronald van Baekel: "Het orgel van de H.H. Laurentius en Elisabeth Kathedraal te Rotterdam" in "De Stemvork", NSGV, 1998, nr. 4)

 

 

 

 

 

 

 

Situatie 1923 - 1997

Huidige dispositie

Manuaal I: Manuaal II: Manuaal III:
Prestant 16' Viola Major 16' Bourdon 16'
Prestant 8' Principaal 8' Vioolprestant 8'
Violon 8' Salicionaal 8' Holpijp 8'
Flûte Harmonique 8' Unda Maris 8' Viola di Gamba 8'
Bourdon 8' Nachthoorn 8' Vox Caelestis 8'
Octaaf 4' Quintadeen 8' Aeoline 8'
Roerfluit 4' Viool 4' Flûte Harmonique 4'
Octaaf 2' Fluit 4' Nasard 2 2/3'
Mixtuur III Progressio II-VI Woudfluit 2'
Cornet V Engelse Hoorn 16' Fagot 16'
Trompet 8' Klarinet 8' Trompet Harmonique 8'
. . Tremulant . Fagot-Hobo 8'
. . . . Vox Humana 8'
. . . . Tremulant
Pedaal: Koppelingen: Speelhulpen:
Contrabas 16' I+II . voettreden voor:
Subbas 16' I+III . -normaalkoppels
Quintbas 10 2/3' II+III . -autom. pedaalomschakeling
Openbas 8' P+I . -tutti
Cello 8' P+II . -tongwerken uit
Bazuin 32' P+III . -Setzer voorwaarts
Bazuin 16' I+II 4' . -Setzer achterwaarts
Trombone 8' I+II 16' .
. . I+III 4' . treden en registerknop voor:
. . I+III 16' . -zwelkast manuaal II
. . II+III 4' . -zwelkast manuaal III
. . II+III 16' . -registercrescendo (2-voudig
. . II+II 4' . programmeerbaar)
. . II+II 16' .
. . III+III 16' . Electronische Setzer (3072-
. . . . voudig, met sequenser en
electro – pneumatische tractuur . diskettestation


Huidige situatie

Afdrukken E-mail